Tussen Rijn en Litouwen leefde wat de Romeinen Germani noemden. Letterlijk betekent het aanverwanten. Maar zelf Caesar bemerkte dat ze niet verwant waren aan de Kelten, ze waren eenvoudiger en spraken een andere taal.
De bron die we over de Germanen kunnen raadplegen is vooral het werk van de IJslandse diplomaat Snorri Sturluson. Hij is diegene die in de laatste Germaanse periode (13e eeuw) sagen en gedichten van de Noorse mythologie bundelde. De Edda, een epos, is zijn meesterwerk.
Tacitus schrijft in de 1e eeuw reeds dat de Germani een geheimschrift hadden, gelijkend op houtstokjes. Hij vertelde ook dat ze drie seizoenen vieren; lente, zomer en winter. Ongeveer 1000 jaar later in het wetboek van IJsland komt het vieren van de lente niet meer voor. Het Germaanse jaar begon met Yule, een variant van het Keltische Samhain.
De komst van het Christendom
Vele Christelijke feesten werden op dezelfde data geplaatst als heidense vieringen. Simpelweg om hen uit te roeien. In de 4e eeuw werd winterzonnewende en Pasen toegevoegd aan de Christelijke kalender. Pas in de 6e eeuw begon men Kerstmis te vieren in kerken, omdat men de voorchristelijke oorsprong verder wilde onderzoeken en laten vergeten. Pasen werd in het Nieuwe Testament opgenomen, Samhain werd Allerheiligen, Midzomer werd het feest van St.-Jan de Doper. Maar met de christianisering zijn op hun beurt ook de Christelijke feesten voor een stuk heidens geworden. De opname van Brigid in het Ierland bijvoorbeeld was nodig, haar heilig verklaren was de ene mogelijkheid.
Zweden was het laatste land dat gekerstend werd, tussen 1000 en 1024 werden de laatste Germanen Christenen, en hun gebruiken deels behouden. Van de feesten en gebruiken die Germanen hielden zijn de boomoprichtingen en versieringen de bekendste. Wanneer tussen 1480 en 1650 de heksenwaan woedt worden ook die gebruiken uitgeroeid. Bomen maken plaats voor kapellen, yuleblokken voor kerstbuches. Alles wat niet Christelijk was, werd verboden, zo ook de drie versies van het runenschrift, in 1639. Wanneer in 1480 de methodieken van de Malleus Maleficarum, toegepast worden op heksenvervolgingen, sterven ongeveer 100.000 zogenaamde heksen omdat ze heidense praktijken uitvoerden. In Engeland en elders in Europa stierf een absolute meerderheid vrouwelijke heksen, in IJsland en Rusland overwegend meer mannelijke heksen.
Het ultieme bewijs dat heksen hebben bestaan, is omdat ze verbrand, verdronken of gehangen zijn, nadat ze soms maanden lang gefolterd waren. Wanneer de Kerk geen mens als heks had beschuldigd, veroordeeld en gedood, hadden heksen wellicht nooit bestaan.
Sinds 1900 hebben mensen als Frazer, Murray, Leland en Gardner gewerkt aan een heropleving van met men veronderstelde heidense feesten te zijn. Zo ontstond de huidige heksencyclus. Alsook andere heidenen (druïden) hebben het jaarwiel overgenomen van pseudo-celtici en romantische schrijvers. Om te komen tot een symmetrisch jaarwiel van acht feesten hadden ze nog één viering te kort. Mabon is de godin die voorkomt in de Engelse versie van The Mabinogion; dit laatste feest is geïnspireerd op Welsche gedichten uit 1849. Historische achtergronden zijn er niet.
Cultus
De Schotse ‘heks’ Isobel Smyth leefde in 1661 in Forfar. Ze gaf de naam ‘sabbaths’, aan de grotere jaarfeesten. Het is een term gebruikt door moderne demonologen om heksenbijeenkomsten aan te duiden.
Het woord zou simpelweg samenkomst willen zeggen. Nieuw-heidenen vieren de acht jaarfeesten zoals we hier besproken hebben als één geheel. In spirituele boeken schept men de illusie dat alle feesten door alle heidenen gevierd werden, overal in Europa. Zelfs welgedocumenteerde auteurs als Jan de Zutter, vermelden niet, als het om een niet-Keltische viering gaat; en schrijven nadrukkelijk als het een Keltische viering is. In de heksencultus van vandaag is de godin van de jacht; Diana, de oergodin. Het was antropologe Margaret Murray, Gardner zijn grootste invloed, die Diana samen met de Gehoornde God veel belangrijker maakten dan ze werkelijk geweest waren.
Andere en vroegere auteurs duiden niet Diana aan, Michelet bijvoorbeeld koos Herodias als oergodin en Leland zag het in Aradia.


















